Tekstballon

Open deuren: meer bevrediging, uitdaging en plezier

Auteur: Mireille Aarts, beleidsmedewerker van Kion, Nijmegen en lid Landelijk Pedagogen Platform Kinderopvang.
Publicatie in het Tijdschrift Management Kinderopvang van januari 2005.

De term 'open deuren' suggereert dat het werken met open deuren eenvoudig te realiseren is. Dit beeld klopt niet, stelt het Landelijk Pedagogen Platform Kinderopvang. Het werken met open deuren hoort een bewuste pedagogische en methodische werkwijze te zijn waarin het (competente) kind centraal staat.

Werken volgens het Open-deurenbeleid is een steeds meer geaccepteerde werkwijze in de kinderopvang. In de toelichting op de beleidsregels bij de Wet kinderopvang wordt dit beleid zelfs met naam en toenaam genoemd: 'Verder geeft een pedagogisch beleidsplan aan op welke wijze het zogenaamde open-deurenbeleid wordt gevoerd.' Over het open-deurenbeleid schrijven de beleidsregels: 'In dit geval maken kinderen gebruik van verschillende ruimtes en verlaten hun stamgroep'. Ook volgens het convenant Kwaliteit Kinderopvang moet een open-deurenbeleid mogelijk zijn. Als voorbeeld hiervan wordt het gezamenlijk poppenkast kijken genoemd. Het convenant legt de link met open deuren, flexibiliteit en goede bedrijfsvoering.
Het begrip open-deurenbeleid is vaag en onduidelijk. Wat bedoelen we als we er eigenlijk mee? Is het een mooie manier om te zeggen dat je (in verband met de bedrijfsvoering) regelmatig groepen samenvoegt? Betekent het dat je op gezette tijden de deuren tussen groepen openzet? Is het een aanbod van groepsoverstijgende activiteiten, zoals poppenkast? Het werken met open deuren heeft veel verschillende verschijningsvormen. Elk kinderdagverblijf dat werkt met open deuren geeft hieraan een eigen gezicht. Dit is op zich geen probleem, maar het draagt wel bij aan de verwarring.
Het pedagogenplatform stelt dat werken met open deuren zowel voor kinderen als groepsleiding een uitdagende en inspirerende werkwijze kan zijn, mits dit vanuit een pedagogische invalshoek wordt ingezet. Het werken met open deuren is geen doel, maar een middel om pedagogische doelstellingen te bereiken. Als er gewerkt wordt met open deuren, hoort dit integraal onderdeel te zijn van het pedagogisch beleid. Het idee van werken met open deuren is geworteld in een kindbeeld dat uitgaat van een competent kind. Deuren worden letterlijk en figuurlijk open gezet om kinderen ruimte geven om de eigen ontwikkeling mee vorm te geven. Mogelijkheden en behoeften van kinderen zijn uitgangspunt.

Opvoedingsdoelen

In de Wet kinderopvang wordt pedagogisch beleid geoperationaliseerd in termen van de vier opvoedingsdoelen van Riksen-Waraven: het bieden van veiligheid, stimuleren van persoonlijke en sociale competentie en overdracht van normen en waarden. Op welke wijze kan het werken met open deuren bijdragen aan de realisatie van deze doelen?

Veiligheid - Een kind kan pas gebruikmaken van de uitdaging die geboden wordt en zich ontwikkelen, als het zich veilig en geborgen voelt. Jonge kinderen hebben grote behoefte aan structuur, continuïteit en voorspelbaarheid. Daarom vormt ook bij het werken met open deuren de stamgroep de basis. Een stamgroep biedt continuïteit en geborgenheid in relatie met leeftijdgenootjes, groepsleiding en fysieke omgeving. Hiernaast zijn herkenbare momenten van de dag, vaste rituelen rondom slapen, eten en vieringen zoals verjaardagen belangrijke onderdelen van de structuur die een kind ervaart.
Bij baby's komt de behoefte aan veiligheid en stabiliteit op de eerste plaats. Daarom moet de positie van baby's binnen het werken met open deuren zorgvuldig worden bewaakt. In de notitie [Werken aan babyopvang] (pedagogenplatform, september 2003) staat beschreven hoe de kinderopvang aan de behoeften of 'rechten' van baby's kan tegemoetkomen. Het is belangrijk stil te staan bij het aantal stamgroepen dat samenwerkt. Er zijn immers grenzen aan het aantal verschillende kinderen en groepsleiding dat een jong kind kan overzien.

Bieden van uitdaging - Het werken met open deuren gaat ervan uit dat kinderen competent zijn en mede hun eigen ontwikkeling vormgeven. Hierdoor ligt bij het werken met open deuren meer dan we in de kinderopvang gewend waren de nadruk op uitdaging. Door de deuren open te zetten verbreed je het aanbod aan kinderen, kinderen krijgen meer ruimte (letterlijk en figuurlijk) en keuzemogelijkheden. Het vergroten van uitdaging is alleen zinvol als dit gebaseerd is op behoeften van kinderen en van de groep. Groepsleidsters richten zich daarom de hele dag op de kinderen en op de groep en proberen in hun aanbod aan te sluiten op wat ze zien. Natuurlijk zijn keuzemogelijkheden aangepast aan wat de kinderen aankunnen. Dit veronderstelt goed observeren, volgen en begeleiden van kinderen.
Het werken met open deuren leidt tot vergroting van het activiteitenaanbod. Kinderen kunnen vaak kiezen uit meerdere activiteiten, in verschillende ruimtes. De activiteiten zijn divers; de talenten van de groepsleidsters worden ingezet voor alle kinderen in het hele kindercentrum. Activiteiten zijn voor grote en kleine groepen, voor een bepaalde leeftijdscategorie of voor iedereen die maar mee wil doen.
Om het aanbod te vergroten kunnen ook de inrichting en de materialen van de verschillende ruimten binnen het kindercentrum op elkaar worden afgestemd. Ruimten zoals de hal en de gang kunnen ook zoveel mogelijk geschikt gemaakt worden als speelruimte.

Sociale competentie - Het werken met open deuren betekent een verruiming van de interactiemogelijkheden met andere kinderen. Door de deuren open te zetten, krijgen kinderen meer ruimte en mogelijkheden om relaties te leggen, ook buiten de stamgroep. Groepjes kinderen met dezelfde interessen kunnen samen spelen; vriendjes, broertjes en zusjes kunnen elkaar gemakkelijk opzoeken. De nadruk op samendoen, samen spelen, afstemmen en samenwerken, geeft kinderen de gelegenheid zich te toetsen aan elkaar en van elkaar te leren.

Normen en waarden - Door de nauwere samenwerking tussen stamgroepen is het nodig het pedagogisch klimaat in de verschillende groepen beter op elkaar af te stemmen en bepaalde gedragsregels consequent te hanteren. Het werken met open deuren leidt als het goed is ook tot afgestemd pedagogisch handelen als het gaat over individuele kinderen.

Een open en flexibele houding

Werken met open deuren kan groepsleiding meer bevrediging, uitdaging en plezier in het werk opleveren. Maar het vraagt ook het nodige. Bovenal een open en flexibele houding en het ter discussie durven stellen van het eigen handelen. Maar ook goed kijken naar kinderen, methodisch werken, afstemming en taakverdeling, communiceren met collega's en ouders. Hiervoor is veel tijd, begeleiding en training nodig. Een kindercentrum moet hieraan voldoende aandacht besteden.
Werken aan open deuren is een ontwikkelingstraject. Stap voor stap wordt door team en oudercommissie nagedacht over de vormgeving van open deurenbeleid dat past bij dit kindercentrum. Welke stap de eerste is, is niet belangrijk. Wel van belang is dat elke stap zorgvuldig wordt gezet en dat de behoeften van kinderen centraal staan. Elke stap wordt geëvalueerd en eventueel bijgesteld. Werken met open deuren kan groepsleiding en kindercentra stimuleren op een bewuste en methodische manier aan de slag te gaan. Bezig zijn met pedagogische veranderingen vraagt om nadenken over de manier van werken, over het effect van handelen en vraagt om goed te kijken naar kinderen. Als dit lukt, leidt dit tot reflectie op eigen handelen en tot een proces van pedagogische ontwikkeling.